Youtube - Jong leren

Afdrukken

de aanpak op school

ZELFSTANDIG LEREN: DRIE PIJLERS

1. De socio-affectieve component: «Hoe voel ik me?»

  1. Intrinsieke motivatie: vindt de leerling plezier in het leren (interesse, bekwaamheidsgevoel)
  2. Handelingscontrole: doet hij wat hij zegt, kan hij iets afmaken (daadkracht en doorzettingsvermogen)?
  3. Emoties: kan hij zijn aandacht bij de zaak houden (zelfzekerheid, angst of stress)?
  4. Sociale aspecten: steunt zijn sociale omgeving (thuis, op school, zijn hele milieu) hem in het leren?

Een aantal van de socio-affectieve factoren ligt buiten het bereik van de leerkracht. Verdriet, verliefdheid, een scheiding of sterfgeval, op het eerste gezicht heeft de leerkracht daar weinig vat op. Toch kunnen de school en de leerkracht zorgen voor een klimaat van wederzijds vertrouwen waarin leerlingen zich veilig en geborgen voelen.

Op klasniveau: bij kleuters is dat misschien niet meer dan een knuffel op het juiste moment, bij oudere leerlingen gaat het erom hen het gevoel te geven dat ze meetellen. Wat kan helpen: regelmatig oogcontact, iedereen aan het woord laten, iedereen verantwoordelijkheid geven, voldoende feedback geven, de leerlingen met de voornaam aanspreken, geen misplaatste of kleinerende opmerkingen geven.

Op schoolniveau helpt een pest-vrije en open, niet-repressieve sfeer, waar de nadruk ligt op individuele ontplooiing en niet op prestaties. Laat voelen dat leerlingen meer zijn dan de cijfers die ze halen. Dat fouten in de eerste plaats leerkansen zijn.

2. De cognitieve component: «Hoe verwerk ik informatie/leerstof?»

Hoe maak ik een schema? Hoe leer ik woordenschat? Hoe memoriseer ik feiten? Hoe los ik een probleem op? Hoe gebruik ik een woordenboek, een atlas, CD-rom.

  • Leren leren heeft met een gewoonteverandering te maken. Het is een vaardigheid die je niet van vandaag op morgen aanleert. Leerlingen voelen zich pas veilig (en bereid om te experimenteren) in een niet bedreigende sfeer: niet het cijfer op de toets is belangrijk, maar wel de vraag hoe goed de leerstof verwerkt is en waar de knelpunten zitten.
  • Leren leren is geen vak op zich, het moet continu geïntegreerd worden in elk vak. Overleg met de collega's is dus nodig. Een minicursus leren leren kan op school wel zorgen voor een krachtige leeromgeving. Dat is pas zinvol als het geleerde ook toegepast wordt bij de verwerking van de leerstof in de vakken en de leerlingen hierbij ook begeleid worden.

De cognitieve component van leren leren (woordenschat studeren, schema's maken) krijgt te vaak de exclusieve aandacht bij 'leren leren' op school.

3. De metacognitieve component: «Hoe stuur ik mezelf bij?»

De leerling reflecteert over zijn leer- en denkprocessen: hij plant zijn activiteiten, bewaakt wat hij doet, controleert en stuurt. Dat geldt voor álle taken (schoolse en niet schoolse) én voor alle leeftijden. Wie leert moet op elk moment van het leerproces reflecteren:

Vóór de leeractiviteit:

1. Wat wordt er gevraagd (snippers knippen, spreekbeurt)? [oriënteren]

2. Hoe ga ik dat doen? (wat doe ik eerst?) [plannen]

Tijdens de leeractiviteit:

3. Ben ik goed bezig? Begrijp ik het nog? [bewaken]

Na de leeractiviteit:

4. Is mijn taak juist uitgevoerd? Heb ik bereikt wat ik wilde? [evalueren]

  • In de kleuter- en basisschool wordt de basis gelegd voor dit reflecteren. De beertjes van Meichenbaum tonen de vier stappen (Wat ga ik doen? Hoe ga ik het aanpakken? Volg ik mijn plan? Heb ik mijn doel bereikt?). Ze kunnen opgehangen worden als pictogrammen in de klas zodat ze zelfs voor de kleinsten toegankelijk zijn. Bij het voorbereiden van een activiteit (lezen, vraagstukken oplossen, maar ook de boekentas maken) wordt er systematisch naar verwezen. De vier pictogrammen kunnen ook mee naar huis: in de agenda kunnen ze bijvoorbeeld als bladwijzer dienen.
  • De leerkracht observeert en becommentarieert de stappen. Zo leren jonge kinderen een basisattitude voor latere (schoolse en niet-schoolse) leerervaringen. Als leerlingen hun activiteiten (in de klas) leren plannen en organiseren, voeling krijgen met hun eigen leerproces en leren toezien op de kwaliteit van hun eigen leren, worden ze pas echt 'vaardige' leerders en probleemoplossers. Op het moment dat leerlingen zelf mee richting geven aan hun eigen leren, wordt leren eindelijk een 'actieve' activiteit.

De drie pijlers van leren zijn even vitaal voor het leren. In het onderwijs krijgt vaak nog de middelste pijler alle aandacht.

You are here:   HomeZorg bieden3 pijlers in het leren
| + -

Stichting

logo-jong-leren_small

Colofon

Voor meer informatie:
Stichting jong Leren,
St. Pieterskade 26 (A01)
6212 AD Maastricht
Tel: 043-3101076,
of mail naar: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Twitter