Checklist voor onderpresteerders.
Een goed hulpmiddel bij de signalering van onderpresteerders is een specifieke checklist voor onderpresteerders. Er worden een aantal kenmerken genoemd, die typerend zijn voor deze leerlingen. Hoe meer kenmerken aan een leerling toegekend kunnen worden, des te groter is de kans, dat de leerkracht te maken heeft met een leerling die onderpresteert.
| POSITIEF | |
| 1. begrijpt en onthoudt moeilijke informatie wanneer het wel geïnteresseerd is | |
| 2. leest veel of verzamelt in zijn vrije tijd op andere manieren veel informatie | |
| 3. presteert significant beter op mondelinge dan op schriftelijke overhoringen | |
| 4. kent veel feiten en heeft een grote algemene ontwikkeling | |
| 5. komt goed uit de verf bij individueel onderwijs op maat | |
| 6. is creatief en heeft een levendige verbeelding | |
| 7. ontwikkelt thuis op eigen initiatief allerlei activiteiten | |
| 8. heeft een brede belangstelling en vindt het leuk om dingen te onderzoeken | |
| 9. is gevoelig | |
| NEGATIEF | |
| 1. presteert op school redelijk tot slecht ( soms alleen onder het eigen niveau) | |
| 2. heeft zijn huiswerk niet af of slecht gemaakt | |
| 3. is vaak ontevreden over zijn eigen prestaties | |
| 4. heeft een hekel aan automatiseren | |
| 5. vermijdt nieuwe leeractiviteiten uit angst om te mislukken | |
| 6. heeft minderwaardigheidsgevoelens, kan wantrouwend of onverschillig zijn | |
| 7. doet niet graag mee aan groepsactiviteiten, heeft het gevoel dat niemand hem mag | |
| 8. doelen worden door het kind te hoog gekozen zodat falen hieraan geweten kan worden | |
| 9. is snel afgeleid en impulsief | |
| 10. staat afwijzend of onverschillig tegenover de school | |
| 11. wil niet geholpen worden, wil zelfstandig zijn | |
| 12. neemt geen verantwoordelijkheid voor zijn eigen daden of wijt mislukken aan anderen | |
| 13. verzet zich tegen autoriteit | |